Cane Corso Kennel L'Argilla Frisone
 Cane Corso Kennel L'Argilla Frisone

(Het onderstaande is de vertaling van de Engelse Rasstandaard van 2007. Deze vertaling heb ik in maart 2011 gemaakt in samenwerking met José de Vries.)

 

Nederlandse Rasstandaard


 

KORT HISTORISCH OVERZICHT:

De directe voorouder van de Cane Corso is de oude Romeinse Mollosser.

Voorheen verspreid over heel Italië, in het recente verleden, was het ras alleen overwegend aanwezig in de Provincie Apulia en in de aangrenzende regio’s van Zuid-Italië.

De naam Cane Corso is ontleent aan het Latijnse woord: "cohors", wat "beschrermer", of "hoeder van het boerenerf" betekend.


Algemene verschijning:

Middelgroot tot groot. Robuust, stoer en krachtig, maar niettemin elegant gebouwd.

Droge en krachtige bespiering.

Belangrijke proporties:

De lengte van het hoofd bereikt 36% van de schofthoogte. De bouw van de hond is iets langer dan hoog.

Gedrag en karakter:

Beschermer van levende have en goed. Bijzonder behendig en snel reagerend. In het verleden werden ze gebruikt bij het hoeden van het vee en het jagen op groot wild.


Hoofd:

Breed, een typische mollosser.

De lengteassen van de schedel en voorsnuit lopen iets naar elkaar toe (iets divergent).


De schedel:

Breed, ter hoogte van de jukbeenbogen is de breedte groter of gelijk aan de lengte .Het breedste deel van het hoofd , zit dus naast de ogen

Zichtbare plooi middenvoor.

Aan de voorzijde is het voorhoofd gewelfd, daarna verloopt deze tamelijk vlak naar de achterhoofdsknobbel.

De voorhoofdsgroeve is zichtbaar.

Stop: licht aangegeven.

 

De neus:

is groot en zwart met wijde, open neusgaten.

De neus loopt evenwijdig aan de neusrug.

 


Vang:

De voorsnuit is zichtbaar korter dan de schedel, verhouding schedel voorsnuit is 1: 2. Is krachtig en vierkant. De voorzijde van de voorsnuit is recht.

De voorsnuit is breed, vierkant, net zo breed als lang. De neusrug is recht en de voorsnuit versmalt nauwelijks of niet naar de neuspunt toe.


Lippen:

De bovenlippen, licht loshangend, bedekken de onderkaak zodanig, dat het onderste deel van het profiel gedomineerd wordt door de lippen.


Kaak en tanden:

Zeer grote kaken, dik en gebogen. Lichte ondervoorbeet. Tanggebit acceptabel, maar niet gewenst ..


Ogen:

Middelgroot, ovaalvormig, naar voren gericht , iets prominent oog, met aangesloten oogleden.

De oogkleur is zo donker mogelijk, passen bij/ afhankelijk van de vachtkleur.

De expressie (uitdrukking) is levendig, intelligent en waakzaam.

Oren:

Driehoekig, hangend met brede aanzet en hoog boven de jukbeenderen. Vaak in een gelijkzijdige driehoek gecoupeerd.


Hals:

Sterk, gespierd, even lang als het hoofd.


Lichaam:

Het lichaam is ietwat langer dan de schofthoogte is. Stevig en krachtig gebouwd maar niet gedrongen.


De schoft:

Duidelijk zichtbaar en is hoger dan het kruis (croupe).


De rug:

is recht, zeer gespierd en sterk.


De lende:

is kort en solide,


Croup (kruis):

Is lang en breed en licht aflopend.


De borstkas:

Goed ontwikkeld in zowel de hoogte als diepte en breedte en reikt tot de ellebogen.


Voorste ledematen:

-De schouder is lang, schuin en zeer gespierd.

-De opperarm is sterk.

-De onderarm recht en zeer sterk.

-Pols en voorvoet zijn veerkrachtig.

-voet: katvoeten .


De staart:

De staart hoog ingeplant, breed bij de inplant, en werd gecoupeerd bij de vierde wervel [In Nederland verboden]. In actie wordt de staart geheven, maar nooit recht omhoog gedragen.

Achterste ledematen:

-Bovenbeen is lang, breed en achterwaarts gewelfd. (bol)

-Het been is droog en sterk,

-De sprong matig gehoekt,

-Middenvoet dik en droog.

-De voeten zijn iets minder compact dan de voorvoeten.

Gangwerk/ beweging:

Lange passen in een uitgrijpende beweging. De draf heeft de voorkeur.


De huid:

De huis is dik en sluit strak aan op de onderliggende lagen.


Vacht:

Korte vacht, glanzend, erg dicht met lichte ondervacht.

Kleur:

-Zwart

-Loodgrijs

-Leisteen

-Licht grijs

-Lichtrood (Formentino en Fawn)

-Donkerrood, (donker geelbruin en reebruin)

-Gestroomd (in verschillende tinten rood of grijs)

Bij de roodachtig en gestroomde honden mag een zwart of grijs masker niet boven de ooglijn lopen.

Een kleine witte vlek op de borst, op de tippen van de voeten of op de neusrug is aanvaardbaar.


Schofthoogte:

-Reu: van 64 tot 68 cm;

-Teef: van 60 tot 64 cm.

(Afwijkingen van 2 cm zowel naar boven als naar beneden toegestaan)


Gewicht:

-Reu: van 45 tot 50 kg,

-Teef: van 40 tot 45 kg.


Fouten:

Iedere afwijking van bovenstaande punten moet als een fout worden beschouwd.


Ernstige fouten:

-- Als de assen van de snuit en schedel parallel of té veel naar elkaar toe lopen. Of als de zijkanten van de snuit te veel naar elkaar toe lopen.

-- Gedeeltelijk niet gepigmenteerde neus.

-- Schaargebit, te grote onderbeet.

-- Krulstaart, staart in verticale positie.

-- Telgang.

-- Groter of kleiner dan toegestane hoogte.


Diskwalificatie fouten:

-- Agressief of te schuw

-- Als de assen van de snuit en schedel uit een lopen.

-- Totaal niet gepigmenteerde neus.

-- Holle neus, of ramsneus ( te bol)

-- Boven voorbeet.

-- Gedeeltelijk of complete depigmentatie van het ooglid.    Glasoog; scheel zien.

-- Staartloos, korte staart ( gecoupeerd of niet)

-- Halflang, glad of krullend haar.

-- Alle kleuren die niet in de standaard genoemd worden, grote witte plekken.


Elke hond die duidelijk lichamelijke- of gedragsafwijkingen vertoond moet worden gediskwalificeerd

NB: Reuen moeten twee normale testikels hebben die volledig in het scrotum zijn ingedaald.


 

 

Top | largillafrisone@hotmail.nl